Nieuws
Groningse economie bezig aan forse inhaalslag
Er is een einde gekomen aan de in 1982 begonnen leegloop van de drie noordelijke provincies. Er kwamen vorig jaar driehonderd meer mensen bij dan er vertrokken, voornamelijk als gevolg van een verbeterde arbeidsmarkt en relatief gunstige woningmarkt. Dat concluderen economen van de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) in de woensdag verschenen Regionaal Economische Verkenningen 2001.
Leestijd: 1 minuut
Vorig jaar hadden Groningen en Drenthe een vestigingsoverschot van respectievelijk vierhonderd en negenhonderd personen. Uit Friesland vertrokken duizend mensen meer dan er bijkwamen, omdat de werkgelegenheid in deze provincie langzamer groeit.In de jaren tachtig kampten de noordelijke provinciën met een leegloop van vijfduizend personen per jaar. In de jaren negentig was het vertrekoverschot gemiddeld nog tweeduizend personen per jaar. Alleen Drenthe wist in deze periode extra bewoners aan te trekken, vooral gepensioneerden op zoek naar plattelandsrust.Het einde aan de leegloop past in de algehele economische inhaalslag die het Noorden volgen de RuG maakt. In 1999 en 2000 realiseerde het Noorden hogere groeicijfers dan het landelijk gemiddelde voor de export, de werkgelegenheid en de arbeidsparticipatie van vrouwen.Vooral in de traditioneel ondervertegenwoordigde dienstensector groeide de werkgelegenheid sneller dan het landelijk gemiddelde. Het Noorden begint hierdoor steeds meer te lijken op de rest van het land. Ondanks de snellere groei van de werkgelegenheid kampt de regio nog steeds met relatief hoge werkloosheidcijfers van tussen de vijf en zes procent tegenover landelijk 3,9 procent.Het aandeel werkende vrouwen in Friesland en Groningen steeg in 1999 en 2000 met 7,7 en 7,3 procentpunt tegenover landelijk 6,3 procent. Ook het percentage van de omzet dat wordt geëxporteerd neemt toe en nadert het landelijk niveau. De economische groei is overigens groter in kleine gemeenten dan in de steden. De RuG verwacht dat de groei in 2001 gelijk zal opgaan met de rest van het land.



